zaterdag 21 april 2012

Botsing

Mijn eerste aanrijding is een feit. Met de fiets, gelukkig. Maar wel knal tegen een voetganger, helaas.

Tussen de Veldstraat en de Opera van Gent, naast het oud justitiegebouw, ligt een stuk eenrichtingstraat met in de tegenrichting een fietspad. Ik reed daarop, volop snelheid aan het maken - en dan rijd ik makkelijk meer dan 20 km per uur. Aan de overkant van de straat waren twee meisjes (midden tot einde twintig, hadden net middagpauze want ze hadden allebei een belegd broodje en een drankje gekocht) halfweg de straat beginnen oversteken. Niet op een zebrapad, gewoon tussen de auto's door die aan het aanschuiven waren om de Kouter op te draaien. Ik stel mij nu voor dat ze dankbaar naar de bestuurder van de auto knikten die hen doorliet, want ze waren duidelijk helemaal niet bedacht op mogelijk verkeer uit de andere richting. En ik kon hen pas zien toen de auto voor hen voortreed. Ik heb nog uit alle macht geremd, maar het voorste meisje kon ik echt niet meer ontwijken. De aanrijding zelf is een klein gat in mijn geheugen. Het volgende wat ik weet, is dat ik op de grond lag, omkeek en zag dat dat meisje echt ónder mijn fiets lag - ik garandeer je: bij dat aanzicht slaat de angst echt om je hart. Gelukkig krabbelde ze al snel overeind, en ik deed hetzelfde. Eindbalans: zij was met haar hoofd tegen de grond geknald, maar had gelukkig nergens last van. Ik heb geschaafde handen en polsen, de muis van mijn rechterhand is gezwollen, mijn linker elleboog is stram en mijn beide knieën zijn geschaafd maar er is wel geen gat in mijn panty's. Goede reclame voor de Hema! Schade aan mijn fiets: de kettingkast ligt eraf en mijn achterrem sleept tegen het wiel. Of mijn wiel staat krom, kan natuurlijk ook.

Toen we allemaal iet of wat bekomen waren, kwam er van aan de overkant plots een man aangelopen. Een onderhoudstechnicus van De Lijn, zo bleek. En een beetje een lolbroek, maar wel van het aangename type. Hij had een grote verbandkist mee. "Van mijn werkgever moet ik die altijd maar meenemen en nu kan ik die EINDELIJK eens gebruiken". En blij als een kind dat een cadeautje mag uitpakken begon hij vanalle zakjes uit die doos te halen en open te knippen. Wattekes. Een flesje ontsmettingsmiddel. Belachelijk grote witte pleisters, die hij in twee knipte en waarna ze nog altijd belachelijk groot waren voor mijn geschaafde knokkels. Toen hij het plastiekje van een rolletje rekverband begon te pulken heb ik hem toch maar vriendelijk tegengehouden, ik was wel genoeg verzorgd. Waarna hij zijn koffertje zonder morren terug dichtklapte en met nog wat gezever links en rechts terugtoog naar zijn witte camionette met geel logo, zichtbaar blij dat zijn werkdag helemaal opgevrolijkt was.

En zo zijn we weer een ervaring rijker, eentje die ik liever niet meer wil meemaken. Ik vraag mij af hoe het met dat meisje is, of ze niet alsnog last heeft gekregen. Ik heb vooral last van stramme handen, die hebben duidelijk de grootste klap opgevangen. En bovenal ben ik blij dat het allemaal niet erger was. En puur uitnieuwsgierigheid vraag ik mij ook af wie hier nu wettelijk gezien in fout was. Ik reed volledig legitiem op dat fietspad, zij staken over zonder te kijken. Maar anderzijds zijn zij zwakke weggebruikers en moet je als bestuurder van een voertuig altijd kunnen stoppen voor obstakels. Voor de verzekering zal dit wel gewoon gedeelde verantwoordelijkheid zijn, zeker? Weet iemand dat?

2 opmerkingen:

Jessie zei

ocharm zeg! Nog een geluk dat het niet nog erger is, inderdaad. Hopelijk snel geen pijn meer! En ivm verzekering: geen idee eerlijk gezegd

Lien zei

Jij bent in je recht. Je moet kunnen stoppen voor onverwachte obstakels, maar dat geldt volgens mij niet voor andere weggebruikers, dat zijn geen obstakels. Anders zou het bij een ongeval altijd gedeelde verantwoordelijkheid zijn.
Schrikken, en sjans dat het niet erger was!